Proces

“Another world is plantable!”, Guerilla Gardening in Berlin © Rosa Rose

Proces

Een duurzame en klimaatbestendige stad vraagt om multi-disciplinaire samenwerking.

Thema's

Praktijk

Voor de realisatie en het planproces(management) van groenblauwe stedenbouw is het belangrijk om onderscheid te maken tussen nieuwbouw en bestaand stedelijk gebied.
Nieuwbouw biedt de kans om van begin af aan duurzaam te ontwikkelen. Herontwikkeling en revitalisering leveren juist mogelijkheden om stap voor stap en project na project aan verbetering van de leefomgeving te werken. Voor beide geldt dat maatwerk nodig is om tot de beste aanpak en groenblauwe inrichting te komen. Verankering en continue doorwerking van de visie en maatregelen in ruimtelijke ordening-planprocedures zijn noodzakelijk om ook tot uitvoering te komen. De praktijk laat zien dat veel goede ideeën en initiatieven gedurende het planproces en de formele procedures afvallen. Kortom veel gemiste kansen.

Succesvolle projecten

EVA-Lanxmeer in Culemborg en Delft Zuid-Oost zijn praktijkvoorbeelden waar het werken aan duurzame stedelijke (her)ontwikkeling succesvol met alle stakeholders is opgepakt. Het project EVA-Lanxmeer gaat over nieuw stedelijk gebied. Delft Zuid-Oost gaat over herstructurering en verbetering van bestaand stedelijk gebied.

Falen in de praktijk

  • Ambities en plannen staan vaak te veraf van de betrokkenen omdat ze niet samen ontwikkeld zijn en te weinig rekening houden met de verschillende belangen in het gebied of de wijk.
  • Onvoldoende bestuurlijke wil voor duurzame ontwikkeling. Bij conflicterende belangen is er snel terugval in traditionele rollen en neiging tot een sectorale insteek.
  • Samenwerkingsstructuren van betrokken partijen werken onvoldoende om hoge ambities te realiseren.
  • Integraal werken en ontwikkelen met ruimtelijke ordening, water en stedenbouw binnen de huidige wet- en regelgeving is complex.
  • Bij het ontbreken van een heldere, breedgedragen strategie en gebiedsvisie is scheiding van hoofd- en bijzaken lastig omdat er geen duidelijke focus is.
  • Doorrekenen van de meerwaarden en synergie van integrale duurzame maatregelen is lastig.
  • Scheiding van het denken en rekenen aan ontwikkeling versus beheer en onderhoud leidt tot onpraktische keuzes.

“The green deer” in Nijmegen, The Netherlands © het groene hert

Algemene bestuurlijke maatregelen

Algemene bestuurlijke maatregelen hebben in meer of mindere mate betrekking op alle thema’s en zijn algemeen gericht op groenblauwe netwerken en dus voorwaarde scheppend.

Ontwikkelen van een lange termijn visie

Het ontwikkelen van een lange termijn visie en concretisering van deze visie op basis van de inventarisatie en het onderzoek van potenties van een stad zijn voorwaarden voor een efficiënte en succesvolle aanpak. Het ruimtelijk, technisch en financieel vertalen en onderbouwen van deze visie naar een meer groenblauwe stedenbouw of ‘green-blue grids’ is de volgende stap.

Voor de haalbaarheid is de inventarisatie en het onderzoek van potenties en technische en financiële haalbaarheid van maatregelen afgestemd op de stedelijke beheersplannen een voorwaarde.

Voor het behoud en het versterken van de biodiversiteit maar ook voor alle andere functies van stedelijk groen, zoals voor de wateropgave, hittestress, luchtkwaliteit etcetera is het allereerst van belang de bestaande groengebieden en biotopen zowel kwantitatief als kwalitatief te inventariseren en zonodig te beschermen. Er kan strategisch beleid ontwikkeld worden dat er zorg voor draagt dat deze gebieden daar waar zinvol zo mogelijk uitgebreid worden en verbonden worden. Ook de met betrekking tot biodiversiteit zeer waardevolle braak liggende terreinen, die vaak voedselarm een soortenrijk zijn, moeten niet alleen als potentieel bouwland bekeken worden maar ook behouden kunnen worden voor de natuur en recreatie.

Inventarisatie en onderzoek van potenties en technische en financiële haalbaarheid van maatregelen

Door een inventarisatie van de reguliere vernieuwings- en onderhoudswerkzaamheden op het gebied van het stedelijk en regionaal waterbeheer, groenplanning, energie en openbare ruimte op de korte, middellange en lange termijn kunnen adaptatie- en mitigatiestrategieën ontwikkeld worden die geen of nauwelijks extra investeringen vragen. In veel gevallen kan het vervangen van riolen of het aanleggen van een verbeterd gescheiden stelsel achterwege blijven en een bovengrondse afvoer-, infiltratie- en buffervoorziening gekoppeld met groene daken, het ontharden en aanleggen van meer groen hiervoor in de plaats komen. Deze maatregelen komen dan ook de stedelijke biodiverstiteit en het stadsklimaat ten goede. Groenblauwe netwerken op stedelijk en regionaal niveau die de verschillende ecosysteemdiensten koeling maar ook waterbuffering en -zuivering, biodiversiteit, langzaam verkeer, recreatie, productie biomassa,

luchtkwaliteitsverbetering en stadslandbouw faciliteren kunnen optimaal worden aangesloten op de ‘green grids’ van de stad.

Integrale planningsteams

De reguliere planning is sectoraal geregeld. Bij het realiseren van adaptatie- en mitigatiestrategieën en -maatregelen, is het van belang dat de verschillende gemeentelijke diensten zoals stedenbouw, ecologie, waterbeheer en groenplanning, maar ook burgers, ontwikkelaars, milieuorganisaties, provincies en waterschappen samenwerken aan het ontwikkelen van nieuwbouw en herstructureringsplannen. Nu wordt nog voornamelijk los van elkaar en achter elkaar aan plannen gewerkt. Door in een vroeg stadium bijvoorbeeld al bij het ontwikkelen van structuurplannen en bestemmingsplannen en op alle andere schaalniveaus met alle disciplines in werkgroepen (klimaatateliers, charettes) samen te werken en verschillende belangen op elkaar af te stemmen kunnen mogelijke conflicten ontzenuwd en synergieën benut worden. Door een meer geïntegreerde samenwerking wordt de vergadertijd in het begin wel verhoogd maar met een duidelijke doelstelling en door vroegtijdige afspraken worden planningsprocessen vergemakkelijkt en misschien zelfs versneld en kwalitatief verbeterd. De extra inspanning in het begin zal resulteren in tijdsbesparing in het vervolg.

Gebruik maken van modellering door simulatiemodellen in de planning

Er zijn verschillend simulatiemodellen zoals bijvoorbeeld ENVI beschikbaar die het mogelijk maken na de invoer van data zoals verhardings- en bebouwingspercentage, soorten groen, wateroppervlakken en zoninstraling de invloed van bepaalde maatregelen op de luchttemperatuur inzichtelijk te maken. Zulke modellen bestaan voor stedelijk waterbeheer en hitte. Deze modellen ontwikkelen zich snel en worden continu uitgebreid.

Nadeel is dat een model een beperkte mate van nauwkeurigheid heeft maar het kan tijdens een planfase kwantitatieve indicaties verschaffen.

Fiscale maatregelen

In landen wordt het toevoegen van verharding fiscaal belast. Als er op een bijgebouw een groen dak wordt gerealiseerd wordt er minder belast. Fiscale maatregelen kunnen een effectief instrument zijn omdat ze bewustzijn creëren en werken naar het principe: de vervuiler betaalt.

Inventariseren, behouden en beschermen van essentieel stedelijk groen en biotopen

Veel steden in Amerika maar ook Londen, Hamburg en Nijmegen inventariseren en beschermen de kleine en grote groengebieden in de stad. Op basis van de inventarisatie van de bestaande groengebieden worden behouds- en beschermingsstrategiën ontwikkeld voor de korte en lange termijn die er op gericht zijn de hoeveelheid groene oppervlakken te vergroten, te verbeteren en te verbinden.

Vastleggen van bebouwingsgrenzen en stimuleren van groene tuinen

Nederland beschikt over een instrument dat uitermate geschikt is om onbebouwd gebied rond steden en in steden te beschermen, en groen en open te houden voor een beter stadsklimaat: namelijk het bestemmingsplan. In de praktijk zijn de gemeenten nog te weinig doordrongen van het belang van groen voor de wateropgave, het stadsklimaat en de biodiversiteit. Er worden nog steeds groene tussengebieden rond steden en oude binnentuinen in steden volgebouwd.

Stedelijke verdichting kan samengaan met het behoud en de realisatie van veel meer groen dan nu gebruikelijk. Juist bij een intensivering van de bebouwing vraagt dit het beschermen van bestaande groengebieden en stadstuinen.

Parkeren onder de grond of gestapeld en aan de rand van woonblokken laat ruimte voor groen. Een strengere handhaving om het dichtbouwen van binnengebieden te voorkomen is heel belangrijk bij het beperken van hittestress, de wateropgave en biodiversiteit. Dit is strijdig met de actuele tendens van meer vrijheid bij de interpretatie van bestemmingsplannen en met het realiseren van vergunningsvrije uitbreidingen van gebouwen. Bestemmingsplannen zijn een middel om grondgebruik te definiëren, zoals ook in Zürich en in sommige Duitse deelstaten wordt gedaan, en om te verplichten om platte daken van nieuwe gebouwen te vergroenen.

Voorlichting en informatie

Recent vragen burgers in veel steden om een actieve rol. Deze bereidheid zou ondersteund kunnen worden. Een goed voorbeeld hiervoor is het informatiecentrum Het Groene Hert in Nijmegen. Hier is gratis informatie en advies op het gebied van duurzaam wonen en leven beschikbaar en er kunnen duurzame producten gekocht worden. Het centrum is uitstekend bereikbaar in de binnenstad van Nijmegen en heeft een aantrekkelijke presentatie.